De Iron Condor | Optiestrategieën

We hebben al heel wat ingewikkelde optiestrategieën de revue laten passeren, maar de iron condor gaat nog een stuk verder. Onze oosterburen zouden voor de uitleg iets zeggen in de orde van Achtung Bitte! En dat zou geheel op zijn plaats zijn. Houdt u vast.

In sommige optieposities anticipeert de belegger op een prijsdaling van de onderliggende waarde, in anderen juist op een prijsstijging, maar er zijn ook uitstekende optieposities voorhanden voor als de prijs van de onderliggende waarde per saldo niet veel doet (tot de opties expireren). Een van die strategieën is de iron condor, en er zijn nogal wat succesvolle handelaren die exclusief gebruik maken van slechts deze strategie.

Er zijn twee manieren op de iron condor strategie te beschouwen:

  • De strategie kan gezien worden als een paar strangles, één short en de ander long.
  • De iron condor kan ook gezien worden als twee credit spreads, een call spread boven de markt en een put spread eronder.

Voor alle duidelijkheid, met boven en onder ‘de markt’ bedoelen we de koers van de onderliggende waarde tijdens het openen van de optie contracten.

Ter verfrissing van geheugens, een credit spread behelst het schrijven (verkopen) van opties om te profiteren van het verloop van de

tijdswaarde en de geïmpliceerde volatiliteit. Een goedkope ver out of the money call wordt gekocht en een duurdere minder out of the money call wordt verkocht, de strategie creëert een netto opbrengst, vandaar ‘credit’ spread.

De goedkope, ver out of the money call is ter dekking van de mogelijkheid dat de onderliggende waarde opeens flink gaat lopen en u aandelen moet leveren bij expiratie van de verkochte (duurdere) call. U moet overigens wel wat margin aanhouden voor deze eventualiteit, want als de verkochte call wel in the money is bij expiratie, maar de gekochte call niet, moet u voldoende middelen hebben om de stukken ook daadwerkelijk te leveren.

De hoop is natuurlijk dat beide opties waardeloos aflopen, want dan kan dat ‘krediet’ ook daadwerkelijk in de zak worden gestoken. Heel leuk allemaal, maar waarom zouden we dit ook niet aan de put kant kunnen doen? Laat dat nu precies zijn wat de iron condor strategie inhoudt:

  • Koop een goedkope, ver out of the money call.
  • Verkoop een duurdere, minder out of the money call.
  • Koop een goedkope, ver out of the money put.
  • Verkoop een duurdere, minder out of the money put.

Voilà, u heeft nu twee credit spreads, de verkochte put en callopties zijn duurder dan de aangekochte opties, u krijgt een netto opbrengst. Zolang die opties allemaal waardeloos aflopen eet u van twee kanten en kunt u de premies (het ‘krediet’) in uw zak steken. We bekijken een historisch voorbeeld met opties op de Amerikaanse S&P 500 index:

  • S&P op 1270 bij aangaan van de optiecontracten (juli)
  • Koop call sept 1340 voor $2,20
  • Verkoop call sept 1325 voor $4,20
  • Koop  sept 1185 put voor $5,50
  • Verkoop sept 1200 put voor $6,50

De netto opbrengst van deze strategie is $300. Om deze ook daadwerkelijk te cashen moet de S&P bij expiratie (september) tussen de 1200 en 1325 liggen, een rendement van 11,1%, en dat voor een investering van twee maanden. Een en ander valt ook in een grafiekje weer te geven:

Iron Condor
Tussen de punten 2 en 3 is de winst maximaal, punt 2 vertegenwoordigt de S&P van 1200, punt 3 is de S&P op 1325. De punten 1 en 4, waar het verlies maximaal is (maar bij verdere daling respectievelijk stijging niet verder meer oploopt) vormen de uitoefenprijzen van respectievelijk de goedkope put (1185) en de goedkope call (1340), de opties welke u kocht (als dekking voor het risico van sterke daling en stijging van de S&P, waardoor u met de verkochte opties in de problemen kan komen).

U kunt deze strategie beter beperken tot opties op reguliere indices, zoals de S&P. Bij opties op individuele aandelen kan het vervelender aflopen. U kunt ook een deel (of zelfs de hele) positie sluiten als het dreigt mis te gaan. Die kans is betrekkelijk gering, maar ook weer niet zo gering dat u tot expiratie niet meer naar het scherm hoeft te kijken.

Het verlies is, als de S&P op 1340 (of hoger) sluit bij expiratie, niet onaanzienlijk. U wordt cash afgerekend op de verkochte 1325 calls, een verlies van $1500 ($15×100), minus de premie van de call zelf ($420) en de netto premie van de puts ($100), minus de kosten van de gekochte call ($220), een verlies van $1200 plus transactiekosten.

Dit verlies is groter, aanzienlijk groter zelfs, dan de mogelijke winst ($300). Daar staat tegenover dat u een veel grotere kans heeft om te winnen, en bij dreigend verlies ook uw positie geheel of gedeeltelijk kunt sluiten. Gedeeltelijk sluiten is doorgaans beter, want als verlies dreigt, weet u wel van welke kant dat komt.

Geschreven door BeursProf Beleggenstips. BeursProf is een initiatief van een groep enthousiaste academici met passie voor de beurs en beleggen.